Onderzoek inmotio-systeem

Sinds september 2009 worden de baltrainingen van de HandbalAcademie (HA) op Papendal gemeten met het Inmotio-systeem. Dit systeem is een combinatie van LPM (Local Position Measurement), hartslagregistratie en videobeelden. Hiermee worden van alle speelsters continu de positie, afgelegde afstand, snelheid, versnelling en hartfrequentie bepaald. Tevens zijn er van alle trainingen videobeelden (al dan niet ingezoomd op een specifieke situatie) beschikbaar. Al deze informatie kan gebruikt worden voor het monitoren van de trainingsbelasting (individueel en als team) en voor het geven van feedback aan de speelsters.
 
Voor de dagelijkse praktijk betekent het gebruik van het Inmotio-systeem dat de speelsters tijdens hun training een meethesje dragen met daarin de benodigde elektronica voor het bepalen van hun positie en hartfrequentie. Daarnaast beschikt de HA over haar eigen ‘embedded scientist’ om het systeem te bedienen en onderhouden, en om de gegevens te verwerken en terug te koppelen naar de trainers en speelsters. Deze terugkoppeling bestaat momenteel hoofdzakelijk uit fysiologische parameters, die antwoord geven op vragen als: welke afstand is er afgelegd? Hoeveel sprints zijn er gemaakt? Hoe reageerde de hartfrequentie op deze belasting? En, in vergelijking met vorige trainingen, was deze training zwaar? En was dit voor iedereen gelijk? Kortom: de verzamelde gegevens geven momenteel een beeld van de trainingsbelasting (per individu en als teams), welke gebruikt kan worden om de trainingen te evalueren tegen de gestelde doelen.
 
Het Inmotio-systeem is echter, net als het Nederlandse handbal, nog enorm in ontwikkeling. De inzet ervan is een nieuwe ontwikkeling in de sport en het wordt momenteel door slechts een handjevol organisaties gebruikt. Dankzij de samenwerking van het NOC*NCF, Inmotio, de Rijksuniversiteit Groningen en het NHV, is het desalniettemin gelukt om het systeem beschikbaar te maken voor de HA. Dit geeft de HA en het NHV een unieke kans om een voorsprong op te bouwen ten opzichte van andere landen v.w.b. het gebruik van geavanceerde trainingsanalyse. En omdat het systeem nog in ontwikkeling is, hebben we de mogelijkheid om het verder aan onze wensen aan te passen. Er wordt daarom momenteel hard gewerkt aan het ontwikkelen van tactische parameters, die het systeem in staat moeten stellen om diverse tactische constructen van het handbal te herkennen (o.b.v. de posities van speelsters) en gelijktijdig te beoordelen. In combinatie met directe feedback tijdens de training, zou dit een revolutionaire ontwikkeling zijn in de sportieve trainingswereld. En de HA zou dan (wederom) de eerste zijn…

 

 
Richard Dik